Dit is een pagina van Natuurplakboek.be

NATUURPLAKBOEK nr 82

Door JOhan Opsomer – 22 juli 2009

Als je een haantje bent, en je kraait niet dan is er meer dan de mogelijkheid dat je ergens op een kerktoren prijkt. Je kan ook een kever van minder dan 5 mm zijn.
En niet zomaar een kever, niet de eerste de beste, maar eentje die behoort tot een gigantische familie van bijna 40000 gekende soorten.
Er zijn haantjes die leven op aardappelen, op asperges, op elzen of op lelies. Zowat elke plant heeft ook z’n bladhaantje.
De landbouwer zal ze niet zo graag zien, want in bijna alle gevallen eten zowel de volwassen kevers als de larven van hun waardplanten. Je zal maar aardappelboer zijn en een plaag van coloradokevers op je veld krijgen. Je zal maar aspergekweker zijn en een zwerm aspergehaantjes op je planten krijgen. De coloradokever is er zelfs in geslaagd om wereldfaam te oogsten omdat ze halfweg de vorige eeuw er in geslaagd zijn om een volledige aardappeloogst te laten mislukken. Als ze elk zo’n 500 eitjes leggen en als er drie weken later al 500 volwassen kevers rond grazen, dan is het niet te verwonderen dat de bestrijding zo moeilijk verliep.
Van de meeste van de ongeveer 300 soorten in ons land hebben we nauwelijks last. Een elzenboom met gaatjes in de bladeren is een bijna normaal gegeven en geen boom die daardoor bezwijkt. Lelies hebben soms last van leliehaantjes en een aantal planten zullen wel de geest geven, maar lelies zijn niet van levensbelang voor ons denk ik.
Eén iets hebben de meeste van de bladhaantjes gemeen : ze zijn mooi.
Glimmende purperen metaalglanzende dekschilden, een geel-zwart gestreepte rug, bloedrood en blinkend of een combinatie van groen en goud. Alles komt voor. Er is er zelfs eentje die een schildpadachtig uiterlijk heeft en zich volledig onder de dekschilden kan terugtrekken.
Maar waarom noemt men ze haantjes?
Ze zijn in staat om sjirpende geluiden te maken door de schouderplaten over elkaar te wrijven en als je ze maar dicht genoeg bij je oor houdt, kan je dat zelfs horen.
En omdat ze goed kunnen springen heeft men ze vroeger ook aardvlooien genoemd.



Tekst en fotografie : Johan Opsomer
Stuur een mailtje naar johan.opsomer@pandora.be voor een gratis abonnement, zo krijg je minstens één keer per week een pagina in je mailbox.

Blader doorheen de reeds gepubliceerde pagina's door links op het onderwerp te klikken.