Dit is een pagina van Natuurplakboek.be
NATUURPLAKBOEK nr 79
Door JOhan Opsomer – 30 juni 2009

Als
de bosreus valt, dan staan ze te drummen.
Het lijkt wel alsof er een algemeen sein gegeven wordt en de hele massa aan
houtverslindende en verterende wezens in beweging komt om de gevallen stam tot
een minimum te herleiden.
De reuzenhoutwesp is een eerder zeldzaam geval, maar heel vaak worden ze
gewoonweg niet opgemerkt, ook al zijn ze van top tot teen een vinger lang.
Terwijl de mannetjes hoog bij de boomtoppen rondcirkelen zijn het de vrouwtjes
die de aanval wagen. Veel wagen is het niet. De harde maar uiterst scherpe
legboor komt uit de schede en boort zich met veel gemak een weg doorheen het
hout. De eitjes worden gelegd en de taak zit er op. Met een helikoptergeluid
stijgen ze weer op. Ze lijken gevaarlijk, maar je kan ze gerust in de hand
nemen. Een legboor is geen angel en een houtwesp is niet te vergelijken met een
gewone wesp. Ze zijn ongevaarlijk. Alleen hun grootte en de schrikkleuren moeten
voldoende zijn om aanvallers op een afstand te houden.
De eitjes ontwikkelen en zowat twee jaar later zullen de larven verpoppen en
uitkomen en daarbij laten ze een heel gangenstelsel achter. Tegen dan is de
boomstam misschien al verzaagd tot een flinke balk en verscheept naar de andere
kant van de wereld. Reuzenhoutwespen komen dan ook zowat overal op onze aardbol
voor.
En er zijn nogal wat familiegenoten die samen met de boktorren en houtkevers het
hele hebben en houden van een weerloze boomstam belagen.
Wespen schrapen hout van de stam om hun papieren nesten te maken.
Allerlei schimmels, zwammen, kevers, wormen, hommels, duizendpoten en
pissebedden helpen graag mee om alles kleiner en kleiner te maken.
Heel de boomstam is verrot denkt men dan, maar dat ze er met duizenden aan
gewerkt hebben is een onderliggende gedachte die maar zelden beseft wordt.
Zowat alle lagen van het dierenrijk zijn vertegenwoordigd als je het hele
aftakelingsproces jaar na jaar, dag na dag zou volgen.
Op de vrijgekomen humus is het ideaal om als zaadje te gaan kiemen. Geen mens
die na een dikke tien jaar zal vermoeden dat hier ooit een joekel van een stam
lag.
Tekst en fotografie : Johan
Opsomer
Stuur een mailtje naar johan.opsomer@pandora.be
voor een gratis abonnement, zo krijg je minstens één keer per week een pagina
in je mailbox.
Blader doorheen de reeds gepubliceerde pagina's door links op het onderwerp te klikken.